Zaalvoetbal speel je om te winnen!

Organisatie structuur

Peter Baard wordt met ingang van het nieuwe seizoen de nieuwe jeugdvoorzitter. Peter zal zich vooral bezig houden met het reilen en zeilen van de jeugdopleiding en ervoor zorgen dat de kwaliteit binnen de jeugdorganisatie gewaarborgd wordt. De missie van de jeugdopleiding zal in zijn handen liggen.

Verder is er een nieuwe technische commissie gevormd. Deze zal bestaan uit drie personen: Rudi Fine, Every Janzen en Jolanda Stam-Hart. Zij zullen de voetbaltechnische visie vorm gaan geven en uit dragen. Samen met de trainers/coaches zullen zij zich bezig houden met zaalvoetbal ontwikkeling binnen de club.

De trainers die met de jeugd bezig gaan zijn: Leander Lantinga, Denzel Inyamah, Stan, Every Janzen, Rudi Fine, Suzanna Deckers, Renate Loos, Roos, Britt Bucher, Fiora Tijssen, Melissa Verschoor, Jolanda Stam-Hart.

En verder zal met enige regelmaat ook getraind worden onder leiding van Darren Johstone, Dylano Klaver,  Youri Cornelissen, Marius Privé, Gregory Sedoc en Simon Tahamata. Zij zullen voor meer specifiek gerichte (technische) trainingen betrokken worden.

Hiermee wordt duidelijk dat op serieuze wijze met de jeugd wordt omgegaan met het doel de talenten voor de toekomst op te leiden.

Samenwerkingen

Hovocubo is op actieve wijze samenwerkingsverbanden aan het genereren. Binnen het voetbal zijn er toezeggingen van HVV Hollandia, HSV Sport en vv Alkmaar Academy. Op verschillende wijze zal er een onderlinge ondersteuning plaats vinden om talentontwikkelingen en maatschappelijke betrokkenheid te optimaliseren.

Hierbij een kleine toelichting op het mooie plan:

Doelbewust

Verenigingen gaan op verschillende manieren om met jeugdvoetballers. Bij Hovocubo draait het om de getalenteerde jeugdspelers en de doorstroming naar het eerste elftal. Bij beleid gaat het erom dat een vereniging op een doelbewuste manier te werk gaat. Daarvoor is nodig dat een vereniging weet wat het wil bereiken met de jeugdafdeling.

Missie 

De missie is het antwoord op de vraag; waar staan we voor als Hovocubo jeugdopleiding?

De Hovocubo jeugdopleiding staat voor een veilige, eerlijke en respectvolle omgeving waar talenten de mogelijkheid krijgen om zich verder te ontwikkelen als mens en sporter. De Hovocubo jeugdopleiding staat ook voor kwaliteit. Kwaliteit in de zin van talentvolle spelers maar ook kwaliteit in de vorm van organisatie.

Visie 

De visie is het antwoord op de vraag: hoe ziet de Hovocubo jeugdopleiding zichzelf in de wereld van morgen?

De Hovocubo jeugdopleiding is een jeugdopleiding voor regionale voetballers welke door samenwerking met een veldvoetbalclub zich hebben verbonden aan Hovocubo. De Hovocubo jeugdopleiding kenmerkt zich door dat zij handelen vanuit de gedachte dat “opleiden meer is dan alleen trainen”. De Hovocubo jeugdopleiding staat bekend om zijn dominante voetbalspel, onverstoorbare spelers die continue in ontwikkeling zijn als mens en sporter. Het dominante voetbalspel is te herkennen aan: balbezit – initiatief – plezier – durven – aanvallen. De onverstoorbare spelers zijn te herkennen hun blije, positieve, creatieve en zelfstandig gedrag. Beide kenmerken van de Hovocubo jeugdopleiding zijn continue in ontwikkeling door reflectie, oefening en ontwikkeling van zowel spelers als betrokkenen.

Visie op leren 

De fasen die tijdens het leerproces worden doorlopen zijn die van:

Tijdens de opleiding richten we ons naast het doorlopen van de eerste 3 fasen ook op de stap van onbewust bekwaam naar bewust bekwaam en/of het vergroten van de bekwaamheid. Het gaat niet alleen om wat de speler nog niet beheerst, maar ook om het bevestigen en verder uitbouwen van de aanwezige kwaliteiten van de speler. Dit vindt plaats door de volgende leeractiviteiten:

 

‐ Ervaringsleren; leren door te doen

‐ Reflectieleren; nadenken over het (eigen) handelen

‐ Interactief leren (participeren); leren met en van elkaar

‐ Imiterend leren; leren door de kunst af te kijken

‐ Theoretisch leren; leren door het verwerven van (meer) kennis

 

“Als je je de toekomst kunt inbeelden, ben je al halfweg”
(Milton Berle).