Fragment uit jubileumboek

De verjaardag van Hovocubo loopt ten einde, nog een paar maanden en dan is de zaalvoetbalclub 51 jaar.

Vanaf nu zullen we af en toe een fragment uit het jubileumboek op de site plaatsen en koppelen aan de interactieve pagina van deze. (klik hier om naar de interactieve pagina te gaan). Het boek beschrijft de geschiedenis van het Nederlandse zaalvoetbal met Hovocubo als rode draad. Alle ontwikkelingen van de KNVB, de grote clubs waar Hovo mee te maken heeft gehad en de kopstukken van de afgelopen 50 jaar worden hierin beschreven.

Er zijn nog een beperkt aantal boeken welke bij de kassa bij thuiswedstrijden, In de Opgang achter de bar of bij Primera Blokker te verkrijgen zijn.

Kas Stuive, Pionier zaalvoetbal

In Latijns-Amerika (vooral Argentinië en Brazilië) wordt de zaalvoetbalsport al sinds de jaren ’30 beoefend. Pas na de Tweede Wereldoorlog worden ook competities op touw gezet. Hoewel in 1955 zelfs in Engeland een cupfinale zaalvoetbal gespeeld wordt, blijft de echte doorbraak uit. Zaalvoetbal kwam naar Nederlandse toen mariniers terugkwamen na een missie op vaderlandse bodem en het spel in loodsen en fabriekshallen begonnen te spelen. De naam futsal – de internationale term voor zaalvoetbal – is ook een Spaanse samenvoeging van de woorden futbol (voetbal) en sala (zaal).

Het basisboek zaalvoetbal schrijft: “Als geboortejaar van het veldvoetbal wordt 1863 aangehouden. Op de Engelse scholen van Rugby, Harrow en Winchester werd het veldvoetbal zeer actief gespeeld. Met de ronde bal. Want de ovale bal bleef voortaan binnen het verder zelfstandig ontwikkelde rugby bestaan. In dat geboortejaar van het veldvoetbal richtten de verenigingen uit Cambridge en Londen de Football Association op. Vandaar dat 1863 genoemd wordt als geboortejaar van het huidige veldvoetbal. 

Kas Stuive, één van de grote stimulators van de zaalvoetbalsport

In de jaren die daarna volgden groeide en groeide de belangstelling voor deze nieuwe sport. Steeds meer teams schreven zich in. Met name veldclubs sloten zich aan om te voorkomen dat hun voetballers zich bij concurrerende verenigingen gingen spreiden. HRC uit Den Helder was de eerste die zich hier zorgen om maakte en druk op de KNVB legde om hier controle over te houden. Het basisboek: “Daarna werd steeds frequenter overleg gevoerd, met als resultaat dat na twee jaar de KNVB het fenomeen zaalvoetbal erkende. In feite kon men ook niet anders, want de HZVO verkreeg inmiddels de koninklijke goedkeuring en bezat de statuten.” Na Den Helder volgden Alkmaar en Schagen met een zaalvoetbal competitie.Precies 100 jaar later stichtte Kas Stuive de Helderse Zaalvoetbal Organisatie, de HZVO. Een deels bedoeld als grap, gewoon om eens te ervaren hoe het zou lopen, anderdeels met het doel de vele zomeravondvoetballers in de wintermaanden bij elkaar te houden. Met een achttiental teams startte Stuive zijn competitie in de sporthal in Den Helder.” De exacte oprichtingsdatum van de HZVO was 21 juli 1964. Deze organisatie bestaat anno 2016 nog steeds.

De Kop van Noord-Holland kan dan ook – zonder terughoudendheid- de bakermat van het nationale (en ook internationale) zaalvoetbal genoemd worden. De Vonk sloeg snel over naar Helmond, waar de Helmonds zaalvoetbal organisatie actief werd.

In het KNVB jaarverslag van 1967 staat: “Op 21 maart 1967 spraken vertegenwoordigers van het zaalvoetbal Den Helder, Schagen en Helmond, met de toenmalige sectiebestuur Afdelingen van de KNVB in Utrecht”. ”Op 30 juni 1967 werd een studiecommissie zaalvoetbal samengesteld.” Naast KNVB-mensen van de afdelingen kreeg ook Kas Stuive zitting in deze studiecommissie. Tot 1975 bleef hij samen met de KNVB werken aan ontwikkeling van de zaalvoetbalsport. Om medische redenen diende hij toen een stapje terug te doen. Naast alles wat hij deed voor de ontwikkeling van het zaalvoetbal, was hij ook gewoon penningmeester van zaalvoetbalvereniging Watervogels.